Belgische regering gaat impact ACTA bestuderen
De Belgische minister Johan Vande Lanotte, onder meer verantwoordelijk voor it en telecom, heeft aangekondigd dat de Federale Overheidsdienst Economie studie gaat doen naar de impact van het ACTA-verdrag op de nationale en Europese wetgeving.
Dat liet minister Vande Lanotte weten tijdens het vragenuurtje in de Kamer, zo meldt Datanews. Volgens de minister zal hij opdracht geven tot een 'zeer gedetailleerde studie', waarbij alle mogelijke interpretaties van het ACTA-verdrag worden bekeken. Pas als de impactstudie klaar is en het parlement de inhoud heeft bestudeerd, kan volgens Vande Lanotte gedebatteerd worden over de gevolgen van het omstreden ACTA-verdrag, zowel voor de wetgeving in België als op Europees niveau. Volgens de minister is er nog voldoende tijd voor het uitvoeren van een dergelijk onderzoek, omdat het Europees Parlement pas rond juni een oordeel velt over ACTA.
De telecomminister deed zijn voorstel nadat kritische parlementariërs hem hadden ondervraagd over de mogelijke impact van ACTA. Onder andere N-VA-parlementslid Peter Dedecker zou van mening zijn dat de inhoud van het verdrag veel te vaag is, waardoor misbruik op de loer zou liggen. Als voorbeeld haalt Dedecker artikel 27 aan. "Dat stelt dat rechtenhouders de identificatie van vermoedelijke inbreukmakers kunnen vragen aan internet service providers. Dat is toch wel erg vaag gedefinieerd." Het parlementslid vreest dat dit artikel tot gevolg kan hebben dat er controles plaatsvinden op personen die veel dataverkeer genereren.
De kans dat het ACTA-verdrag heelhuids in Europa wordt aangenomen, slinkt met de dag. Onder andere Duitsland, Bulgarije, Polen, Tsjechië en Nederland hebben aangegeven het verdrag voorlopig niet te willen ratificeren. Ook wordt de kans steeds kleiner dat het verdrag kan rekenen op een meerderheid in het Europees Parlement.